Ziektes en aandoeningen

Pokken/ hapziekte

Pokken worden veroorzaakt door het pokkenvirus. Dit virus bestaat in veel verschillende varianten, elk specifiek voor een vogelsoort of ondersoort.

 

Het virus komt binnen door wondjes in de huid of slijmvliezen. Dit kan tijdens een gevecht gebeuren, maar ook de steek van een insect kan het virus overbrengen.

Bij een besmetting met een zwak virus (voor die vogel) kan de enige uitingsvorm van de ziekte een bultje op de plaats van besmetting zijn.

Bij een sterker virus gaat de besmetting het hele lichaam rond. Er zijn verschillende ziektebeelden bekend:

 

Huidvorm/droge pokken

deze wordt vooral gezien bij roofvogels en zangvogels. Er ontstaan bulten op de onbevederde huid rond ogen, snavel, neusgaten en aan de voeten. De bultjes, worden blaasjes die opengaan, er ontstaat een korst welke er na een aantal dagen tot weken afvalt. Bij ongecompliceerde besmettingen blijven geen lidtekens achter. Als in de open blaasjes besmetting met een bacterie of schimmel optreedt, kan de genezing ernstig vertraagd worden.

In sommige gevallen blijven de bultjes intact. Afhankelijk van de plek zullen ze problemen geven, of niet.

 

Natte pokken

Komt vooral voor bij papegaai- en parkietachtigen, sommige duiven en fazantachtigen. Hierbij ontstaan de pokken op het slijmvlies van de tong en keel. Deze geven problemen met eten en zelfs ademen. Ook bloeden ze gemakkelijk.

 

Vorm met bloedvergiftiging

Dit is de meest dodelijke vorm. Het komt vooral voor bij kanaries en vinken. Het virus zorgt voor een longontsteking en de vogels zijn erg benauwd, ze ‘happen’ naar lucht (hapziekte). De vogels zijn acuut ziek, ze zitten bol, stoppen met eten en het grootste deel (70% tot wel 99%) sterven binnen 3 dagen. Er zijn vaak geen pokken op de huid te zien, daarom is de diagnose tijdens het leven moeilijk te stellen. De ziekte kan ook langzamer gaan, de vogels sterven dan vaak na enkele maanden.

 

Tumoren

Sommige pokkenvirussen kunnen de gevoeligheid voor tumoren vergroten. Dit komt vooral voor bij zangvogels en duiven. De tumoren zijn snelgroeiende wratachtige woekeringen die gemakkelijk bloeden. De therapie is verwijdering door chirurgie.

 

Diagnose

Bij de huidvorm is het vaak aan het uiterlijk al een zeer waarschijnlijke diagnose. De natte vorm en die met bloedvergiftiging is moeilijker. Hier moet het virus in de cellen aangetoond worden.

 

Behandeling

De behandeling bestaat uit het voorkomen van bijkomende besmettingen met bacteriën en schimmels. Tegen het virus zelf is geen behandeling

 

Inenting

 

Inenting is mogelijk. Dit beschermt een klein jaar. Vogels die al een besmetting onder de leden hebben, mogen niet ingeënt worden. De verschijnselen kunnen dan verergeren.