Onderzoek en keuringen

Onderzoek en keuringen

Het is verstandig uw vogel te laten keuren/onderzoeken indien:

 

  • u met de vogel wilt gaan kweken
  • u andere vogels aan uw bestand wilt toevoegen
  • bij aankoop van een nieuwe (gezelschaps) vogel
  • als de vogel ziek is
  • als verwachte resultaten (vliegprestaties/vruchtbaarheid) tegenvallen

 

Keuringen kunnen verborgen gebreken aan het licht brengen, die voor veel teleurstellingen en verdriet kunnen zorgen.

 

Afhankelijk van de reden van keuring, kan het onderzoek bestaan uit de volgende onderdelen.

 

Lichamelijk onderzoek.

De vogel wordt eerst van een afstand bekeken, daarna in de hand genomen en bevoeld.

In veel gevallen wordt met een wattenstaafje een uitstrijkje uit de keel, luchtpijp of krop genomen. Dit is om parasieten en schimmels op te sporen, hiervoor wordt het direct onder de microscoop bekeken. Een besmetting met deze ziekteverwekkers kan niet altijd van buiten aan de vogel gezien worden!

 

Mestonderzoek.

In verse ontlasting kan bij microscopisch onderzoek veel gevonden worden.

De belangrijkste darmparasieten die ziekteverwekkend kunnen zijn:

 

  • wormbesmetting (haarworm, spoelworm)
  • bacteriebesmetting (campylobacter, salmonella, coli)
  • megabacterie besmetting (dit is eigenlijk een schimmel!)
  • coccidiose (kleine ééncellige parasietjes)
  • schimmelinfectie
  • gisten
  • flagellaten (zweepdiertjes) zoals 'het geel' bij duiven

  

Een onderzoek naar ziekteverwekkende bacteriën duurt een paar dagen.

Elke bacterie heeft zijn eigen favoriete voedingsbodem. Er wordt op verschillende schaaltjes met voedingsgel een beetje mest uitgestreken. Na 24 uur in de broedstoof groeit op elke plaat dus een specifieke soort bacteriën.

 

We kunnen aan een aantal kenmerken zien  om welke bacteriesoort het gaat, bijvoorbeeld de kleur van de kolonies, de manier waarop ze groeien of de verkleuring van de voedingsgel om de kolonies heen.

 

Daarna vermeerderen we op een speciale kweekplaat de bacteriën en leggen we een aantal verschillende antibiotica tabletjes op de plaat. Elk antibiotica werkt op een andere manier, en zo testen we met welk antibiotica de bacterie het beste gedood kan worden.

 

Endoscopisch onderzoek

Soms wordt er ook een endoscopisch onderzoek gedaan. De vogel wordt met een beetje slaapgas verdoofd en er wordt een klein sneetje in de huid gemaakt vlak voor de knie.

Dan wordt er een klein cameraatje naar binnen geschoven. We kunnen nu in de buikholte van de vogel kijken.

 

We kunnen nu zien wat het  geslacht is van uw vogel is. Zowel eierstokken als testikels kunnen gezien worden. Bij erg jonge vogels is dit vaak moeilijk omdat het geslachtsapparaat nog niet actief is. 

 

In het kader van vruchtbaarheidsbegeleiding kan endoscopie een waardevol hulpmiddel zijn. We kunnen zien of een vogel sexueel rijp en actief is. Van een pop met erg kleine onderontwikkelde eierstokken hoeft de eerste periode nog niet veel verwacht te worden qua vruchtbaarheid. We kunnen foutjes in de aanleg van de eierstokken zien. Er kunnen ook cystes op de eierstokken zitten. Dit kunnen verklaringen zijn voor tegenvallende kweekresultaten. 

 

Het grote voordeel van een endoscopische geslachtsbepaling in plaats van DNA, is dat tegelijk ook gekeken wordt naar de verder conditie van de vogel. Zo kunnen bijvoorbeeld schimmelinfecties gezien worden door witte schimmelplakkaten op de luchtzakken en organen.

 

Bloedonderzoek

Er zijn een aantal ziektes waar bloedonderzoek naar gedaan kan worden. De standaard testen bij een aankoopkeuring zijn: PBFD (snavel-en veerrot), Polyoma (kruipersziekte) en Papegaaienziekte (psitaccose/chlamydia), voor papegaaienziekte wordt naast bloed ook een swab uit de cloaca genomen.

 

Sectie

Mocht uw vogel zijn overleden, of u heeft een groot aantal vogels waarvan er een aantal gestorven zijn, kan er sectie gedaan worden. Er is een grote kans dat we er dan achter komen waarom de vogel of vogels zijn overleden.

 

Voor de overleden vogel zelf heeft dit natuurlijk geen zin meer, maar koppelgenoten kunnen van deze kennis wel profiteren. Ook als u een nieuwe vogel aan wilt schaffen kan het nuttig zijn om te weten waar de voorganger aan is gestorven. Sommige virussen, parasieten of bacteriën kunnen lang in de omgeving actief blijven.

 

Bij een sectie wordt de vogel opengemaakt en beoordelen we met het blote oog de organen, luchtzakken etc. Soms is het sectiebeeld zo duidelijk dat we meteen weten wat de doodsoorzaak is. In andere gevallen is het nodig nader onderzoek te doen bijvoorbeeld door van afwijkende organen een bacteriekweek te doen. Soms sturen we stukjes weefsel op voor onderzoek. Het is ook mogelijk een 'cosmetische' sectie te verrichten indien u de vogel graag nog terug heeft om bijvoorbeeld te begraven of te cremeren. In dat geval gebruiken we andere snijtechnieken en hechten we de wonden naderhand dicht.